Coronavirus – Verblijf na de studies

In april is een groep internationale afgestudeerden een petitie gestart om het zoekjaar uit te breiden om de afname in vacatures en netwerk mogelijkheden te accomoderen. In een geschreven reactie op de vragen van het parlement legt Minister Koolmees van Sociale Zaken en Werkgelegenheid dat het niet mogelijk is om het zoekjaar te verlengen, aangezien de condities van deze woonvergunning in de wet staan vastgelegd en deze te veranderen een onzeker en langdurig proces zal zijn. Echter, omdat de overheid de bijdrage van de internationale studenten en kennismigranten zeer waardeert, hebben ze besloten de periode te verlengen in welke afgestudeerden geschikt zijn voor een woonvergunning als voor een kennismigrant met een lager salaris criterium.

In bijgevoegde flyer Infosheet – NUFFIC kan er meer informatie over het zoekjaar en andere woonvergunningen gevonden worden die het blijven in Nederland na het afstuderen kunnen faciliteren.

Afsluitend willen wij graag iedereen eraan herinneren dat Nederland graag in contact blijft met jullie, waar het pad jullie ook brengt. Vergeet niet om te registreren in het Holland Alumni network en laat weten wat de interesses en expertise is, zodat het gesprek kan worden aangegaan.

Brandbrief jonge wetenschappers: laat ons niet in de steek

Kennis gaat verloren, potentiële innovaties stagneren en carrières raken gefrustreerd. Dit zijn in het kort de gevolgen van de coronacrisis voor jonge wetenschappers als er niets gebeurt. Daarom sturen het Promovendi Netwerk Nederland, PostdocNL en De Jonge Akademie namens alle Nederlandse Young Academies op maandag 13 juli een brandbrief aan de regering met het verzoek tot een continuïteitspakket van € 350 miljoen. Lees verder…

Ongelijke impact van COVID-19 crisis

Nu Nederland na de COVID-19 crisis langzaam weer op gang komt, wordt de invloed ervan op de academische wereld steeds duidelijker. De bekende gevolgen zijn onder andere studievertragingen, universiteiten die moeite hebben met het ontwerpen en organiseren van online onderwijs en uitdagingen bij het uitvoeren van onderzoek (met name projecten die in laboratoria of in het buitenland worden uitgevoerd). Bovendien zijn er aanwijzingen dat de crisis de bestaande ongelijkheden – tussen gevestigde en beginnende academici en tussen mannelijke en vrouwelijke onderzoekers -heeft verdiept. Zo constateerde de redactie van academische tijdschriften (the Gardian, Natureindex, Critical Public Health) al in april een daling van het aantal manuscripten dat door vrouwelijke wetenschappers werd ingediend. Hoewel het misschien nog te vroeg is om dat te zeggen, kan de daling van de productie van vrouwelijke wetenschappers te wijten zijn aan het voortbestaan van de traditionele genderrollen in het huishouden, waarbij het grootste deel van de verantwoordelijkheid voor de kinderopvang op de schouders van de vrouwen blijft terechtkomen. Ondanks de grote hoeveelheid financieringsaanvragen in verband met COVID-19, vereisen dergelijke aanwijzingen voor het verdiepen van de ongelijkheid een zorgvuldige reflectie op het gebruik van motto’s als ‘crisis als een kans gebruiken’.

Handreiking omgaan met vertraging als gevolg Covid-19

PNN heeft, samen met partijen als de VSNU, PostdocNL, De Jonge Akademie en vakbonden, meegeschreven aan een handreiking voor het omgaan met vertraging ten gevolge van COVID-19 van onderzoek van promovendi, postdocs en tenure trackers. Deze handreiking biedt een overzicht van mogelijke oorzaken van vertraging, zowel gerelateerd aan het onderzoek als aan de persoonlijke situatie, en geeft oplossingsrichtingen om met deze vertraging om te gaan. Ook worden er verschillende voorbeeldscenario’s gegeven, maar daarin ook indicaties van de verwachte vertraging.

Deze handreiking is verspreid onder de universiteiten, die deze handreiking kunnen gebruiken om hun maatwerk voor compensatie voor deze groepen vorm te geven. Ook promovendi, postdocs en tenure-trackers kunnen dit document gebruiken als voorbereiding voor wanneer zij het gesprek over compensatie met hun werkgever aangaan. De vragenlijst aan het eind van deze handreiking is specifiek met dat doel voor ogen opgesteld.

We hopen dat dit document promovendi kan helpen om weer enige grip op hun promotietraject te krijgen. Wel zijn er helaas nog juridische en financiële beperkingen die de juiste compensatie in de weg kunnen staan. Samen met de andere betrokken partijen blijft PNN zich inzetten om deze beperkingen zover mogelijk weg te nemen.

NB: Dit document is een handreiking, en geen harde richtlijn voor universiteiten. De regelingen die individuele universiteiten treffen kunnen afwijken van de aanbevelingen in deze handreiking. Indien je universiteit of instelling ernstig afwijkt van de aanbevelingen in de handreiking, bijvoorbeeld door persoonlijke omstandigheden niet mee te nemen als grond voor vertraging, neem dan contact op met je lokale promovendivertegenwoordiging of met PNN.

Protocol herstart universiteiten

Deze week publiceerde de VSNU een protocol waarin staat omschreven hoe universiteiten weer kunnen gaan opstarten vanaf 15 juni. Het hele document is hier te vinden, voor promovendi zijn de onderstaande punten met name van belang:

In het algemeen:

  • Medewerkers werken thuis indien hun werkzaamheden dit toelaten;
  • Voor het onderzoek blijven de huidige RIVM richtlijnen van kracht. Dit betekent onder meer dat het voor instellingen mogelijk is om medewerkers onderzoeksactiviteiten te laten verrichten binnen de fysieke locatie(s) van hogeronderwijsinstellingen, in het geval dit onderzoekswerk niet op afstand plaats kan vinden en mits dit organiseerbaar is binnen de algemene instructies van RIVM en GGD. Datzelfde geldt voor voorbereidende werkzaamheden van docenten voor onderwijsactiviteiten;
  • Er is ruimte voor instellingen om gelet op hun eigen verantwoordelijkheid, continuïteit en organiseerbaarheid – in overleg met de medezeggenschap – eigen afwegingen te maken bij de toepassing van dit protocol;
  • Er wordt gestreefd naar gelijke rechten en plichten voor (buitenlandse) studenten en werknemers bij het opstarten van onderwijs en onderzoek;
  • Er is ruimte voor maatwerk in de te nemen beschermingsmaatregelen, onder andere voor medewerkers en studenten uit risicogroepen. Hierbij moet een goede balans gevonden worden met de noodzaak om deze middelen in te zetten voor zorgprocessen.

Onderzoek specifiek:
Universiteiten, KNAW- en NWO-instituten hanteren op dit moment de volgende richtlijnen bij het invullen van de ruimte die er is voor onderzoek:

  • Vooralsnog geldt dat onderzoeksactiviteiten die op afstand plaats kunnen vinden, ook op afstand plaats zullen vinden;
  • Bij het invullen van de ruimte voor onderzoek binnen de universiteitsgebouwen, heeft de afronding van onderzoeksprojecten van PhD’s en postdocs prioriteit. Daarbij weegt ook het belang van het onderzoek voor de gezondheidszorg en de bijdrage aan het verbeteren van de situatie rond corona zwaar.