Persbericht: Lang niet alle internationale promovendi krijgen hulp bij integratie

De meerderheid van de internationale promovendi (58,1%) ontvangt geen hulp bij integratie, zoals een taalcursus. Dat is een uitkomst uit het rapport van PNN over internationale promovendi. In de PNN PhD survey werden de 644 deelnemende internationale promovendi gevraagd naar hun ervaringen. Van de promovendi die geen hulp bij integratie ontvangen, geeft ruim twee derde aan dat ze deze hulp wel graag hadden gekregen. Internationale promovendi met een niet-westerse achtergrond geven relatief vaker aan hier behoefte aan te hebben.

De meeste internationale promovendi die wel hulp bij integratie ontvangen, krijgen deze via hun instelling, hoewel 17% hiervoor (ook) hulp zoekt bij een externe partij. In twee derde van de gevallen wordt de hulp bij integratie door de instelling zelf betaald, echter geeft 13.5% van de promovendi aan de hulp zelf te moeten betalen. Voor promovendi met een niet-westerse achtergrond wordt de hulp bij integratie relatief vaak door de instelling betaald.

De promovendi die hulp ontvangen, zijn in grote meerderheid tevreden over de hulp die ze ontvangen (67.7%). ‘Het is goed om te horen dat internationale promovendi die hulp krijgen ook tevreden zijn met de hulp. Het is dan echter jammer dat veel internationale promovendi geen gebruik kunnen maken van deze hulp. Die hulp zou daarom zeker uitgebreid moeten worden,’ aldus PNN-voorzitter Rosanne Anholt.

Het rapport geeft ook inzichten in de uitdagingen waar internationale promovendi tegen aanlopen tijdens hun promotietraject in Nederland. De meest genoemde uitdagingen zijn culturele verschillen en de taalbarrière. Veel internationale promovendi geven aan dat het lastig is dat hun Nederlandse collega’s onderling Nederlands spreken, waardoor ze zich bij informele contacten buitengesloten voelen. In enkele gevallen is zelfs de formele communicatie alleen in het Nederlands beschikbaar, en worden internationale medewerkers gevraagd om de informatie maar “te Google-translaten.” Anholt: ‘Dat is natuurlijk niet de bedoeling: als universiteiten bewust internationale medewerkers aannemen, ligt bij hen ook de taak deze medewerkers goed te informeren.’ Ook de Nederlandse directheid werd regelmatig genoemd als uitdaging voor internationale promovendi.

Internationale promovendi waren echter niet alleen negatief over promoveren in Nederland. Veel promovendi gaven ook aan dat ze een fijne werkomgeving en positieve ervaringen hadden. Ook het feit dat promovendi in Nederland werknemers zijn werd door de internationale promovendi gewaardeerd. Het Nederlandse weer blijft echter iets waar sommige internationale promovendi maar moeilijk aan kunnen wennen.

Dit rapport is het een-na-laatste rapport uit de publicatiereeks op basis van de PNN PhD survey. Hierna volgt nog een rapport over Open Science, het erkennen en waarderen van promovendi, en carrière aspiraties.